Nieuws

Opinie: ‘De bedrijfsarts moet geen poortwachter van het UWV zijn, maar werken aan preventie’

Volgens hen wordt elke ziekmelding nu onterecht een medisch-juridisch dossier.
Werkgevers moeten verzuim binnen vijf dagen melden en zijn verplicht advies te vragen aan een arbodienst.
Nederland kent een historisch hoog ziekteverzuim. We hebben het over stress, virussen en psychische klachten, maar dat zijn vooral symptomen. De echte ziekte zit dieper: het verzuimsysteem dat ons moet beschermen, functioneert zelf niet meer. Zo is de situatie bij de gemeente Amsterdam geen oorzaak, maar een pijnlijk zichtbaar symptoom.
In 2024 liep het verzuim bij de gemeente op tot 8,6 procent, met afdelingen boven de 11 procent. De kosten stegen richting 218 miljoen euro. Gemiddeld zit dit jaar 9,6 procent van de 22.000 ambtenaren ziek thuis, aldus Het Parool. Volgens de arbodienst behoort meer dan de helft van de medewerkers tot een risicogroep. Het lijkt alsof Amsterdam ernstig ziek is, maar dat is niet zo. De gemeente laat wel zien wat er in heel Nederland misgaat.
Om dat te begrijpen, moeten we terug naar de oorspronkelijke bedoeling van de Arbeidsomstandighedenwet. De bedrijfsarts kreeg met die wet een centrale rol: werknemers beschermen tegen ongezonde arbeid, beroepsziekten voorkomen en werkgerelateerd verzuim bij de bron terugdringen. Hij was het medisch geweten van de werkvloer.

Poortwachter

Die rol is vrijwel verdwenen. In plaats van de bedrijfsarts staat nu de verzuimarts centraal: een professional die vooral dossiers beoordeelt, prognoses opstelt en juridisch veilige teksten levert. Niet omdat dat inhoudelijk zinvol is, maar omdat het systeem hem tot poortwachter maakt. De aandacht voor gezond werk is hierdoor uitgehold en preventie van beroepsziekten vrijwel verdwenen.
Elke ziekmelding wordt nu een medisch-juridisch dossier. Werkgevers moeten verzuim binnen vijf dagen melden en zijn verplicht advies te vragen aan een arbodienst. Daardoor lijkt bijna alles ‘medisch’, terwijl 95 procent van wat er speelt bij verzuim niet medisch is: het gaat over werk, omstandigheden, samenwerking of gedrag. Toch schuift alles automatisch door naar een verzuimarts, die met minimale informatie een terugkoppeling van het consult moet maken – die niemand verder helpt.

Privacywetgeving

Werkgever en werknemer praten hierdoor steeds minder met elkaar. Privacywetgeving versterkt het misverstand dat werkgevers niets mogen vragen en werknemers niets hoeven te vertellen. Zo verdwijnen conflicten, werkdruk, roosters en cultuurproblemen uit beeld. Het rapport van de arbodienst over de gemeente Amsterdam laat dat scherp zien: er is sprake van een ‘ongezonde afhankelijkheid van de arbodienst’.
Het resultaat is absurd, maar inmiddels normaal: een werknemer spreekt eerst met een verzuimarts die hij niet kent. Die stuurt een terugkoppeling naar de leidinggevende. Daarna praten werkgever en werknemer vooral over dat bericht, maar niet over wat er werkelijk speelt. De arbeidsrelatie wordt gejuridiseerd, de werkvloer gemedicaliseerd. Het oorspronkelijke doel van de Arbowet – zicht krijgen op werkgerelateerde oorzaken – is volledig uit beeld geraakt.

Stop met outsourcen

Een systeem dat zo werkt, repareer je niet met nog meer protocollen. De Onafhankelijke Commissie Toekomst Arbeidsongeschiktheidsstelsel (OCTAS) concludeerde terecht dat het stelsel fundamenteel moet veranderen. Wij voegen één cruciale stap toe aan dat advies: schaf het verplichte verzuimadvies door arbodiensten af en breng verzuimbegeleiding onder in het sociale domein.
Breng de bedrijfsarts terug op de werkvloer en verminder de afhankelijkheid van verzuimartsen
Langdurig verzuim gaat immers bijna altijd over behoud van inkomen, perspectief, participatie en passend werk – niet primair over ziekte. Dat hoort thuis bij gemeenten en sociale verzekeraars, niet bij artsen die gedwongen worden medische labels te plakken op niet-medische problemen.
Wat betekent dat voor Amsterdam? Heel concreet: stop met het outsourcen van de relatie tussen leidinggevende en medewerker. Die relatie hoort terug op de werkvloer. De eerste gesprekken bij een ziekmelding zijn geen medische gesprekken, maar werkgesprekken: wat speelt er in ons werk, hoe werken we samen, wat hebben we nodig om verder te kunnen?

Terug op de werkvloer

Pas daarna volgt re-integratie. Eerst de relatie, dan pas de re-integratie. En soms is een verzuimarts nodig, zoals voor een verplicht UWV-bewijsstukje.
Daarnaast is het tijd dat Amsterdam de bedrijfsarts herstelt in zijn oorspronkelijke positie. Niet langer als verlengstuk van poortwachter voor het UWV, maar als expert in gezond werk. Zet de bedrijfsarts opnieuw in bij werkplekanalyses, risico-inventarisaties, cultuur- en organisatieproblemen, het voorkomen van uitval en het tijdig signaleren van ziekmakende werkomstandigheden.
Kortom: breng de bedrijfsarts terug op de werkvloer en verminder de afhankelijkheid van verzuimartsen. Investeer in preventie, niet in verzuimadministratie. Dat is goedkoper, effectiever en menselijker.
Amsterdam is niet ziek. Amsterdam laat zien dat het systeem ziek is. En juist daarom kan de hoofdstad nu laten zien hoe het anders kan: door de verzuimarts uit het centrum van het proces te halen, de bedrijfsarts weer op waarde te zetten en het gesprek terug te brengen naar waar het thuishoort – tussen werkgever en werknemer.

Bron: Het Parool