Nieuws

Uitspraak van de week: “Bij twijfel: regel een nieuw consult bij de bedrijfsarts”

Per 1 maart 2023 start een nieuwe directeur. Begin 2024 vindt een nieuw mediationtraject plaats, dat niet met succes wordt afgerond. De leraar meldt zich op 30 januari 2024 ziek en ziet op 28 februari 2024 de bedrijfsarts. Het advies luidt: “Er is geen sprake van ziekte. Zij is volledig belastbaar voor haar eigen uren en taken. Let op; er zijn wel lichte beperkingen welke veroorzaakt worden door de verstoorde werkrelatie. Indien dit niet wordt opgelost kunnen deze beperkingen verder toenemen en wel voor langdurige uitval zorgen.”

Op 15 april meldt zij zich ‘in toenemende mate’ ziek. De school wil haar opnieuw laten oproepen, maar daar gaat de arbodienst niet in mee: een nieuwe beoordeling zou niet tot een nieuw advies leiden. De school regelt een nieuw gesprek met de leraar op 17 mei 2024. Van werkhervatting is het niet gekomen; de leraar meldt dat ze nog steeds te ziek is. De maat is vol voor de school en haar loon wordt stopgezet. De procedure bij de rechtbank Noord-Holland heeft als inzet de hervatting van de loondoorbetaling van de leraar.

De leraar wordt in het gelijk gesteld en oordeelt dat de leraar nog steeds ziek is. De bedrijfsarts had in het rapport van 28 februari genoteerd dat de beperkingen konden toenemen indien de onderlinge problemen niet zouden worden opgelost. Dat was nog niet het geval en de werknemer meldde zich tot twee keer toe opnieuw ziek. Het is dan niet aan de werkgever om te beoordelen of de werknemer ziek was, na haar nieuwe ziekmeldingen van 15 april en 17 mei. Er had een nieuw consult bij de bedrijfsarts moeten plaatsvinden. Het komt voor rekening en risico dat de arbodienst daar – volgens de school – geen heil in zag.

Zij houdt dus haar recht op loon. Dat de school niet aangedrongen heeft op een nieuw consult bij de bedrijfsarts komt haar duur te staan.

Bron: Hocker Advocaten